|
1967 De
2cv werd al bijna twintig jaar gebouwd en hoewel Citroën altijd al bekend stond
om de lange levenscyclus van zijn producten, vond ook zij het nu tijd om een
opvolger te bedenken. Dat moest de in dit jaar geïntroduceerde Dyane worden. De
klant besliste echter anders. De Dyane, hoewel fraaier en moderner ogend en
eigenlijk gewoon veel beter dan de 2cv, bleek ze té gewoontjes om de oereend te
kunnen vervangen. Maar de beoogde 2cv-opvolger bleek heel wel een bestaan naast
de 2cv te kunnen hebben. En dat was mooier dan Citroën het zich had kunnen
wensen. De Dyane werd een populaire goedverkochte auto, en daarnaast zette het
succes van de 2cv zich gewoon voort.
|
|
1978
Op dezelfde wijze als de "A"type getransformeerd was in een besteller of "fourgonette" werd in dit jaar een bedrijfsversie van de Dyane uitgebracht. De Acadyane, fonetisch voor de AK-versie van de Dyane. De Acadyane was duidelijk bedoeld als opvolger van de AK400 want deze ging een jaar later uit productie.
1979
Meer dan
tien jaar voor de auto die zij had moeten doen vergeten verlaat de Dyane het
strijdtoneel om plaats te maken voor de eerste Citroëns van het tijdperk onder
Peugeot, de spuuglelijke LN(A), en even daarna de VISA. De Acadyane hield de
herinnering aan de Dyane levend, en bleef nog tot 1987 in productie. Het model
was meteen vanaf het begin een succes en werd ook in Nederland goed verkocht.
Eerst vooral aan bedrijven als handige, lichte besteller en later ontdekten ook
studenten, kunstenaars en hobbyisten de Acadyane.
|